Wave of Light: wat ik vroeger niet begreep
Ik heb de voorbije dagen aan mijn posts voor Baby Loss Awareness gewerkt. En zoals elk jaar merk ik hoeveel dit onderwerp met mij doet. Ik blijf soms hangen bij een zin, lees iets opnieuw en denk aan de mensen voor wie dit hun verhaal is.
Een aantal jaar geleden hoorde ik voor het eerst over Wave of Light. Ik wist toen eigenlijk helemaal niet wat dat was. Voor ik zelf mama werd, was ik daar ook weinig mee bezig. En dat terwijl er in mijn omgeving wel koppels waren die een kindje verloren. Mama’s die een miskraam meemaakten. Zoveel, als ik daar nu bij stilsta. Ik wist het wel, ik vond het verdrietig voor hen, maar ik begreep niet echt wat het inhield.
Ik was ook die persoon die zei: “Ach, maar je hebt er al eentje.” Of: “Je was nog maar een paar weken zwanger.” Dat vind ik moeilijk om hier zo neer te schrijven. Zeker als doula. Maar ik heb het gezegd, dus ik ga ook niet doen alsof ik altijd al wist hoe ik hiermee moest omgaan.
Pas toen ik zelf zwanger was van mijn dochter, begon ik dat anders te voelen. Er groeide iemand in mij. Zo pril nog, maar in mijn hoofd was dat al mijn kindje. Ik zag haar op de echo’s, voelde haar later bewegen en begon mij voor te stellen hoe het zou zijn als ze er was. Toen besefte ik ook hoe koel mijn reacties geweest waren. Hoe ik, zonder daar echt bij stil te staan, het verdriet van die mama’s kleiner had gemaakt.
Inmiddels heb ik gelukkig zoveel meer kennis en ervaring opgedaan. Door mijn opleidingen, door mijn werk en vooral door te luisteren. En geluk boven geluk: zelf heb ik geen zwangerschaps- of babyverlies meegemaakt. Daar ben ik ontzettend dankbaar voor.
Ik weet dus niet hoe dat voelt. Mijn zwangerschap en het moederschap hebben mij wel doen beseffen hoeveel ik vroeger niet begreep. Nu ik weet hoe het is om leven te dragen en mijn dochter ter wereld te brengen, kan ik mij nauwelijks voorstellen hoe intens verdrietig het moet zijn om je kindje te verliezen. Hoe vroeg of laat dat ook gebeurt.
Wat ik haar vandaag zou willen zeggen
Als ik vandaag tegenover een mama zou zitten die net een miskraam heeft meegemaakt, zou ik vooral willen dat ze voelt dat haar emoties er helemaal mogen zijn. Dat ze niets hoeft uit te leggen of te verantwoorden. Ze heeft leven gedragen. Hoe pril ook. Dat blijft deel van haar verhaal. Ik zou haar willen zeggen dat ze zich mama mag voelen en dat niemand haar dat kan afnemen. Dat er geen regels zijn waaraan ze zich moet houden om op de juiste manier verdrietig te zijn.
Want we hebben daar soms nogal snel een mening over, hè. Over iemand die zich terugtrekt, of juist meteen weer aan het werk gaat. Over iemand die er veel over praat, of helemaal niets zegt. Terwijl het haar emoties zijn. Haar verlies. Daar kan niemand anders voor bepalen wat gepast is. En evengoed kan ze zich vrij snel weer oké voelen. Haar leven terug oppakken, lachen, plannen maken. Ook dat mag gewoon. Ze hoeft niet lang genoeg verdrietig te zijn om te bewijzen dat haar kindje belangrijk was.
Dat wil ik met deze blog meegeven. Elk verlies verdient erkenning. Je hoeft geen bepaald aantal weken zwanger geweest te zijn om te mogen rouwen. Een kindje dat je al hebt, neemt het verdriet om een ander kindje niet weg. Het is niet omdat jij iets niet voelt of niet hebt meegemaakt, dat het voor een ander minder echt is.
Die druk om weer verder te gaan
Wat ik ook moeilijk vind, is die druk om weer te functioneren. Je bent terug op het werk, je doet de dingen die van je verwacht worden en dan lijkt het alsof het weer gaat. Terwijl je de volgende dag opnieuw helemaal onderuit kunt gaan. Rouwen is niet lineair. De ene dag gaat beter dan de andere. Daar zou ruimte voor moeten zijn, maar dat is natuurlijk niet evident in een maatschappij waarin we zoveel moeten presteren. Waar minder doen al snel voelt alsof je tekortschiet.
Ik heb daar ook geen eenvoudige oplossing voor. Ik zou alleen willen dat we meer rekening houden met wat iemand nodig heeft. Dat we verder kijken dan de vraag wanneer die persoon weer kan komen werken. Dat terugkomen niet automatisch betekent dat alles weer goed is. En dat we ook later nog eens vragen hoe het gaat. Wanneer die eerste berichtjes gestopt zijn en iedereen weer verdergaat met zijn eigen leven. Gewoon laten weten dat je nog aan hen denkt. Ruimte geven om over hun kindje te praten, als ze daar behoefte aan hebben.
Voor wie ik mijn kaarsje aansteek
Vanavond steek ik zelf ook een kaarsje aan.Heel persoonlijk denk ik dan ook aan de kindjes over wie ik in het nieuws lees. Kindjes die omgekomen zijn, van wie het leven veel te kort was. Die verhalen blijven bij mij hangen. Ik hoop dat al die zieltjes ergens vrede mogen vinden. Voor mij voelt het alsof de warmte en het licht van dat kaarsje naar hen toe mogen gaan. Naar boven, naar alle zieltjes. Ik weet niet hoe dat zit. Ik hoop het gewoon.
Niemand buiten mijn huis ziet dat er op mijn koffietafel een kaarsje brandt. Door hier te schrijven hoop ik wel mensen bewuster te maken. Ook mensen die, zoals ik vroeger, niet goed begrijpen wat zo’n verlies kan betekenen.
Dat kaarsje is iets persoonlijks. Een klein lichtje dat ik laat branden voor de kindjes die hier hadden moeten zijn. Met de hoop dat die warmte hen ergens bereikt.
En hier hoop ik dat we wat zorgvuldiger worden met elkaar. Dat we blijven luisteren, ook naar verdriet dat we zelf niet kennen.
